Prof. Dr Karl Barth
(10 mei 1886-10 december 1968)

Preek over Psalm 119:165

logo

UIT EEN PREEK VAN KARL BARTH, VAN JULI 1925

Tekst: Psalm  119:165, „Zij, die uw wet liefhebben, hebben grote vrede, er is voor hen geen struikelblok.”

UW WET LIEFHEBBEN”, de wet ” van God liefhebben — wat betekent dat? Wij mogen het ons niet ontveinzen: dat houdt in, dat betekent een ondenkbaar diep lijden en een ondenkbaar hoog handelen, want de wet, de wet van God, is Gods wil en orde in volledige tegenstelling tot en volledig in strijd met onze wil, omdat Zijn wil heilig en majesteitelijk, maar onze wil onheilig en zwak is: „Gij zult” en „Ik kan niet!” Denkt aan de tien geboden, die wij allen kennen, of ook maar aan één ervan, en vraagt aan uzelf, of het niet zo is, als ik zeg: De wet van God toont ons, wie God is en wie wij zijn, de wet toont ons de onverbiddelijk opgerichte afsluiting tussen God en ons en dat betekent, dat de wet ons oordeelt, ons verdoemt en ons doodt; want, wanneer wij van God gescheiden zijn, zijn wij geoordeeld, verdoemd en gedood. Wij staan onder deze wet van God. Het ambt en de werking van de wet voltrekken zich aan ons, ook wanneer wij daar niets van willen weten, ook wanneer wij onze ogen voor dit feit sluiten, ook wanneer wij de wet (het ambt en de werking daarvan) ontvluchten en er tegen in opstand komen. Het bewijs van het feit, dat wij onder de wet staan, is de grote, diepe onrust van ons bestaan. Maar dat wij onder de wet staan is iets anders dan het ondenkbaar diepe lijden en het ondenkbaar hoge handelen, waarvan ik sprak; dat wij onder de wet staan is onze zonde en tegelijk onze straf; het onder de wet staan als mens en zondaar is heel wat anders dan de wet van God liefhebben; niet dat laatste vangt het ondenkbare aan, het diepe lijden en het hoge handelen. De wet van God liefhebben zou in de eerste plaats moeten betekenen: die als aanwezig, als geldig erkennen, geen uitvlucht en geen opstand meer daartegen proberen (en wel eenvoudig hierom niet, omdat uitvlucht en stand voor de orde en wil van God onbestaanbaar zijn, omdat  de  scheiding,  die  de wet inhoudt,  voltrokken is, omdat wij geoordeelde, verdoemde en  gedode  mensen  zijn).  Dàt  erkennen,  werkelijk  erkennen,  zou het denkbaar diepe lijden zijn. Lees meer