Onno Zijlstra over authenticiteit

 

‘Authenticiteit’ is al een poos een van de belangrijke woorden om onze tijd mee aan te duiden. Ook in de kerk speelt de behoefte, ja de eis van authenticiteit een enorme rol. Als je als dominee of anderszins publieke of representatieve christen niet ‘authentiek’ overkomt, kun je het wel schudden. Daar zit natuurlijk veel waars in, zoals we ons nog steeds kunnen herkennen in Kierkegaards pleidooien contra de ‘objectieve’ maar nietszeggende waarheid en de ware waarheid die subjectief is. Tegelijk is het succes van Kierkegaard en zijn zaad ook een beetje ons ongeluk aan het worden. In ieder geval dringt zich steeds meer de vraag op of de totalitaire manier waarop het authenticiteitsideaal wordt doorgezet niet andere, evenzeer belangrijke menselijke waarden laat verstikken. Het is daarom verheugden dat kenner van Kierkegaard en van deze materie, Onno Zijlstra, tot voor kort docent filosofie aan o.a. de PTHU, zich in een recent boekje afvraagt of het romantische ideaal van de authentieke mens in onze über-romantische cultuur nog betekenis heeft. Hij tekent de oorsprong van het authenticiteitsideaal bij Rousseau en de ontwikkeling bij Herder, Sartre en anderen, tot de ‘ontsporing’ in hedonisme en narcisme in onze tijd onder invloed van de consumptiemaatschappij. Hij gaat in gesprek met Charles Taylors analyse van de ontwikkeling van het authenticiteitsideaal. Aan het eind volgen nog aparte hoofdstukjes over kunst en populisme.

Zijlstra’s eigen positie komt dicht in de buurt van Taylor. Het doel van het betoog is uiteindelijk om authenticiteit te redden na de kritiek die erop gekomen is van mensen als Maarten Doorman en Andrew Potter. Volgens hen is authenticiteit verworden tot verheerlijking van het eigen ego. Bovendien zou de wens om authentiek te zijn leiden tot inauthenticiteit, zoals een prachtig verhaal uit het leven van Rousseau al laat zien: deze moest “meerdere keren poseren voor het portret dat Allan Ramsay van hem maakte, omdat het maar niet lukte hem er ongedwongen op te krijgen, met zijn vinger wijzend naar het eigen hart.” (27). Hier zien we onze cultuur toch helder voor ogen geschilderd, en deze kritiek (dat bewust nagestreefde authenticiteit in haar tegendeel verkeert) wordt m.i. door Zijlstra niet weerlegd. In plaats daarvan onderscheidt hij tussen authenticiteitsideaal en authenticiteiscultuur. Hij noteert dat het ik zich niet zonder traditie en gemeenschap kan ontwikkelen, zonder vooraf geleerde taal, zonder verantwoordelijkheid , waarden en betekenishorizonten. Authenticiteit moet dus gekaderd worden, maar als ideaal niet opgegeven. Dit ideaal zegt dat het individu ernaar mag en moet streven om op zijn unieke manier zichzelf te worden en te zijn, tot zijn recht te komen, zich te ontwikkelen, want: “mijn keuzes maken me tot wie ik ben” (laatste zin van het boek).

Dit is een waardevol, helder geschreven boekje waarin een voor onze tijd cruciaal thema doordacht wordt. Dat het door iemand die aan een theologische universiteit heeft gewerkt geschreven is, is eigenlijk niet te merken. Vanuit de theologie (maar tevens vanuit verschillende, ook romantische filosofische stromingen) zijn nog wel wat vragen te stellen bij de belangrijke slotzin van het boek. Is deze zin toch niet een vergissing? Kunnen we in God geloven en tegelijk echt zeggen dat onze keuzes ons maken tot wie we zijn? Leidt dat niet noodzakelijk tot een overspannen individu en tot de samenleving die mensen als Dirk de Wachter zo welbespraakt kritiseren? En past deze slotzin wel echt bij het eerdere betoog dat veel meer aansloot bij Taylor? Een individu dat gekaderd is in betekenishorizonten zal zichzelf niet meer verstaan als product van eigen keuzes. Om die authentieke ervaring van de passiviteit uit te drukken hadden we ooit de dogmatische loci van rechtvaardiging, predestinatie en providentia.

Willem Maarten Dekker

N.a.v. Onno Zijlstra, Authentiek in tijden van massamedia, egocultuur en consumentisme, Amsterdam: Boom 2021, 96 p., ISBN 978-90-2443-464-0  € 12,50

 

Verschenen in: In de Waagschaal, jaargang 53, nummer 1, 7 januari 2023