Houdt dan de lofzang gaande

logoIdW

Een canon van het kerklied voor school, kerk en thuis

 

In 2012 publiceerde ik Jong geleerd, liederen uit de christelijke traditie. Het boek bevat mijn voorstel voor een canon van kerkliederen. Samen met enkele anderen selecteerde ik 50 liederen die kinderen op school, in de kerk en thuis kunnen leren als bagage voor hun verdere leven. Bij elk van deze liederen maakte ik werkbladen met achtergrondinformatie.

Het idee voor deze canon is geboren in een verpleeghuis.Op een zondagmiddag ga ik voor in de kapel van Weddesteijn in Woerden. Bij verschillende kerkgangers is er een sluier over hun geest gekomen, dementie. Het is moeilijk om tot hen door te dringen. Maar met oude liederen lukt het! Als ze een lied zingen dat ze als kind geleerd hebben, ‘De Heer is mijn herder’, gaan hun oude ogen glanzen en zingen ze mee. Op zo’n moment denk ik: ‘Hoe lang bestaat er nog een gezamenlijk liedrepertoire?’ Zullen onze kinderen, als zíj hier later zitten, nog een gemeenschappelijk lied kennen?

We leven in een tijd van de canonisering. Over de vaderlandse geschiedenis, de sport, wereldoriëntatie en van alles en nog wat verschijnen canons: wat je zou moeten kunnen kennen. Onze leefwereld raakt zo versnipperd dat we op zoek gaan naar gemeenschappelijke noemers. In In de Waagschaal (aflevering 4 van 2017), schreef At Polhuis een pleidooi voor ‘Het groot Nederlands geestelijk songbook’, een variant van een initiatief van De Wereld Draait Door (zie: https://www.karlbarth.nl/het-groot-nederlands-geestelijk-songbook/). De tijd is kennelijk rijp voor een kerkliedcanon.

Zingen op school

Op school worden bijna alleen kinderliederen geleerd, liederen die goed aansluiten bij de leefwereld van kinderen. Via Youtube komen de nieuwste nummers trendy en van beat voorzien voorbij. Sinds op de Pabo muziekonderwijs en zang verdwenen, gebruiken veel docenten alleen het smartboard en zingen niet meer voor maar mee. Het zijn vaak liederen die God loven en prijzen of een Bijbelverhaal herhalen. Maar is er ook ruimte voor andere gevoelens in die liederen?

Kinderliederen hebben hun waarde, en laten kinderen ze vooral blijven zingen, maar je kunt wel de vraag stellen: Wat heb je aan die liederen op latere leeftijd? Blijft die bagage bruikbaar? Veel kinderliederen passen bij een project. Als het afgelopen is, verstomt het lied. Het past in onze consumptiemaatschappij en wegwerpcultuur, maar de vraag blijft mij bezig houden: geven we onze kinderen ook iets duurzaams mee? Kostbaar zijn de momenten dat ik mensen, van wie de wereld versmald is tot een ziekbed of sterfbed, plotseling hoop en kracht zie putten als een oud lied in hen oprijst. Ook op zo’n moment denk ik: er moet een canon komen!

Het idee van een canon is uitgewerkt door de uitgeverijen Boekencentrum en SGO. Jong geleerd, een bundel met 50 liederen, zou iedereen die een protestants christelijke school verlaat als bagage mee kunnen krijgen. Er is een handleiding bij voor docenten. Daarin staan meerstemmige zettingen en per lied een toelichting en een verhaal om het ‘heilige vuur’ bij een lied over te kunnen brengen. Een cd completeert het geheel. Inmiddels hebben 1000 scholen met het materiaal kennisgemaakt. Spannende vraag is wat ze er in de praktijk mee doen.

Jong geleerd is echt oud gedaan!                            

Soms lijken de liederen wat moeilijk, maar zeg eerlijk: welke volwassene kan elk gedicht doorgronden? De inleidingen willen de tekst dichterbij brengen en de muziek doet de rest, immers de melodie is de trechter naar het hart! Veel hangt ook af van degene die het lied presenteert. Wie er een goed verhaal bij vertelt, wie het lied laat leven, kan de juiste snaar raken bij elk lied. De docent is dan de mystagoog die een kind inleidt en inwijdt in de geheimenissen van het geloof. Omgekeerd is het een hele klus om een lied over te brengen waar je zelf bij voorbaat niets mee hebt. In de ondertonen klinkt altijd je eigen beleving door. C’est le ton qui fait la musique. De inleidende verhalen proberen de toon te zetten.

Deze liederen vormen bagage. Ze zijn gebundeld om als lied van de maand in school en – hopelijk ook – kerk en thuis gezongen te worden. De hoop is dat ze ooit weer boven komen op momenten van blijdschap en verdriet, van verrukking en verschrikking.

Je bent rijk wanneer je vol verwondering op een bergtop staat en een lied ‘zomaar’ verwoordt waar je zelf geen woorden voor hebt. Ook als je je levensavond doorbrengt in een verpleeghuis kan een oud lied als nieuw oplichten en de sluier van verlies van jezelf doorbreken. Dan vindt een lied jou.

Uitgangspunten

Jong geleerd volgt een vierjarig rooster voor alle groepen van de basisschool. Zo zal iedere schoolverlater tweemaal een lied hebben ingestudeerd. Scholen kunnen ook alleen voor een bovenbouw-rooster kiezen. Dan leren de leerlingen een lied eenmaal. De bundel biedt viermaal 12 is 48 liederen. Twee extra liederen, het Onze Vader en een lied over zingen, completeren de canon als een ‘top 50’.

Wat wil je meegeven?! De liederen van Jong geleerd zijn bij elkaar gebracht, gewikt en gewogen door de redactie van Kind op Zondag en Kind op Maandag. Een lastig proces. Verder kijken dan je eigen voorkeur betekent ook: ‘Killing your darlings’.

Er is gedacht aan een ordinarium: vaste onderdelen als het Onze Vader en aan een proprium: het eigene van de tijden in het jaar en een mensenleven. Zo zijn er liederen bij de christelijke feestdagen en bij de verschillende thema’s van een mensenleven (geboorte en sterven, verdriet en vreugde, ziekte en gezondheid). De gedachte is dat liederen je woorden aanreiken voor zaken waarvoor je ‘vanzelf’ geen woorden hebt. Verder is aansluiting gezocht bij de breedte van de protestantse traditie (Liedboek, Opwekking en Alles wordt nieuw, Taizé en Iona enzovoort) en bij de internationale wortels van het protestants christelijke lied. Ook is er rekening gehouden met de oecumene en zijn er liederen gezocht van grote componisten.

En ja, ook kwaliteit speelt een rol. Over smaak valt niet te twisten, over kwaliteit wel! Dat geldt zowel op theologisch als muzikaal vlak. Een lied moet samenbindend zijn, rijk aan beeldtaal, goed zingbaar, ruimte bieden voor lof en dank maar ook voor klacht en tekort. Bijbelse woorden en beelden zijn een leidend criterium voor het christelijke lied. Maar de beste tekst kan niet zonder een sterke melodie. In een goed lied versterken beeldende taal en aansprekende wijs elkaar als in een goed huwelijk.

 

In de praktijk

Regelmatig word ik uitgenodigd door scholen om met docenten en besturen na te denken over een ‘canon van het lied’’. Daaraan is duidelijk behoefte. Veel docenten maken mij duidelijk dat zij al lange tijd het gevoel hebben ‘maar iets te doen’. Zij missen criteria, visie en handvatten daarbij. En dat ‘voelt niet goed’.

Ik begin vaak met de vraag: Welke liederen leerde je ooit zelf op school? Wat vond je er toen van? Hoe kijk je er nu op terug? Welke liederen vind jij belangrijk om door te geven aan de kinderen van nu? Waarom? Dat levert altijd inspirerende gesprekken op. Het is ook altijd teambuilding. Mensen gaan na een intensieve dag nog even op het puntje van hun stoel zitten als ze plotseling een nieuwe kant van hun collega leren kennen. Als vanzelf loopt zo’n gesprek uit op het noemen van liederen die men door wil geven. Ikzelf draag daarbij criteria aan en help zoeken naar de balans.

 

Aan de slag

In sommige plaatsen hebben alle protestants christelijke scholen én alle kerken (hervormd, gereformeerde bond, evangelisch) elkaar gevonden in een lied van de maand. Het idee van een kerkliedcanon bevordert dus de oecumene! Sowieso vaart de relatie tussen school en kerk er wel bij als er wordt samengewerkt rond een lied van de maand. Voor kinderen die zowel de school als de kerk bezoeken is zo’n lied een belangrijk moment van herkenning. Hún lied wordt gezongen!

Als je er zelf over denkt om een canon van kerkliederen te volgen, kun je onze handreiking van liederen naadloos overnemen, maar ook zelf een selectie maken en toevoegen. Wat je ook besluit: deze liederen gaan een mensenleven mee! Het is de grote uitdaging van deze tijd om scholen aan te spreken op de visie over wat zij meegeven aan liederen. Ga het gesprek met bestuur en personeel aan. Zoek de samenwerking met andere kerken zodat de driehoek kerk-school-thuis wordt versterkt. Geef niet te snel op omdat het team het al zo druk heeft en de kerkelijke betrokkenheid van personeel soms ontbreekt. Maak mensen enthousiast! Laat ervaren hoe zij een positieve invulling aan hun identiteit kunnen geven. We hebben immers een schat in de handen en een grote verantwoordelijkheid om die aan een nieuwe generatie door te geven. Want een lied draag je mee, je draagt het uit en als het erop aan komt draagt het jou! Houdt dan de lofzang gaande!

Erick Versloot

Drs E. Versloot is predikant van de Protestantse Gemeente Mijdrecht, muzikant en schrijver